Categorie archief: Blog

365 dagen tollenchallenge

16 juni 2017.

Een belangrijke datum. Want dan ben ik jarig! Taartje erbij, cadeautjes. Mijn lieve kindjes zingen een liedje. Mijn vrouw heeft een nieuwe fles after-shave voor me…

Vorig jaar heb ik op die dag Peter Peer bij de Kamer van Koophandel geregistreerd. Dus Peter Peer bestaat 1 jaar! En ik ben jarig. Of had ik dat al gezegd?

Dus: Ik geef mezelf een cadeau. Eerder een opdracht. Een challenge. En die luidt:

Draai elke dag een tol, 1 jaar lang.

Dat klinkt overzichtelijk, niet? Maar het is wel een heel jaar. Elke dag. Ook met kerst? Ja, ook met kerst. En als ik griep krijg: Ja, ook als ik griep krijg. Ik hoop van niet.

En het zal me ook wel wat hout kosten. Tollen zijn gelukkig niet heel groot. Hee!

De opdracht zegt niet hoe groot de tol moet zijn…

Ahaa, dat klinkt als een uitdaging. Hoe klein kan een tol zijn? En hoe groot? Dat is dan meteen ook een idee.

Een tol is een tol, en daarmee basta.

Heuj, heuj, heuj… Zo streng hoeft het toch niet?

Wat is een tol eigenlijk? Ik hoop daar antwoord op te vinden gedurende deze challenge.

Wat maakt een tol een tol? Welke vormen kunnen/mogen allemaal? Is elke houtsoort geschikt? Du-hu-hus:

Waar kan ik allemaal in variëren?

De houtsoort. Tot nu toe draaide ik mijn tollen meestal uit beukenhout:

Beukenhouten tol

Soms ook eikenhout. Dit levert luxere tollen op. Mooie glans, donkere kleur met gouden mergstralen:

tollen uit eikenhout

Welke houtsoorten zijn nog meer te gebruiken om tollen te maken?

De vorm. De ideale vorm van een tol. Bestaat die? Er is ruimte voor experimenten. Dus de tol zal soms beter zijn, en soms minder goed draaien. Vind ik de perfectie?

Afwerking. Ik behandel tollen met bijenwas. Dat geeft ze een mooiere kleur en beschermt tegen een paar spatten water. Is hier nog ruimte voor verandering?

Versiering. Een goed draaiende tol is één ding, een geweldig-originele-supercool versierde tol is natuurlijk het summum. Ik ken een paar technieken. Maar genoeg voor 365 dagen?

Input. Ik kan veel zelf bedenken. Mijn hoofd draait op dit onderwerp overuren. Omdat ik het zo leuk vind. Maar ook omdat het zo’n grote opdracht is. Ik kan je hulp wel gebruiken. Ik nodig je ook uit om mee te denken. Heb je een cool idee? Of een wrede opdracht? Laat het me weten op de Facebook pagina van Peter Peer’s 365 dagen Tollenchallenge. Dikke kans dat ik met jouw idee (of wreed gesmede opdracht) aan de gang ga.

Ga naar de Facebookpagina

En dan? Dan heb je 365 tollen…

Dat ik überhaupt zo ver vooruit durf te denken… Ik kan het me al voorstellen: een uitgeputte Peter Peer aan een tafel vol met tollen. Of een hele blije. En dan nog elke tol herkennen en weten welke datum het was… Geen idee. Ik weet het niet hoe het gaat zijn.

En wat ik met de tollen ga doen? Ik heb een expositie in gedachten. Een mini-museum voor tollen. Wauw!

Ach, ik heb nog een jaar om daarover te denken. Dat is toch best wel lang.

Maar ik ga het doen. 16 Juni 2017 tot en met 16 juni 2018. Rock ’n Toll!

Ik slijp mijn beitels en gutsen alvast. Like jij mijn Facebook pagina voor de meest actuele tollen?

Peter Peer’s 365 tollen Facebookpagina

Exotisch hout. Mooi! Maar hoe zit dat dan met de tropische bossen?

Wauw, wat gaaf om 3 toverstaffen op te sturen naar een zeer enthousiaste klant! Per uilenpost natuurlijk!
Ze vroeg toverstaffen in drie verschillende houtsoorten: van boven naar onder: Wilg, Els en Purperhart.
Ik kreeg van deze klant een vraag over de toverstaf van purperhart: De klant vroeg zich af of het hout wel op verantwoorde wijze is gekapt, en of het niet ten koste is gegaan van een stukje oerwoud.

Waar komt dat paarse hout vandaan?

Mijn antwoord was simpel: ik weet het niet. Kijk, van de bovenste twee toverstaffen weet ik precies waar het hout vandaan komt. Het wilgenhout komt van een grote knotwilg in Overasselt (vlakbij mij in Grave), waar een dikke tak was losgekomen tijdens een storm eind februari. Het elzenhout komt van een struweel op een volkstuincomplex in Houten waar mijn vader een volkstuin heeft. Het hout was anders versnipperd geweest, en ik ben erg blij dat ik er nog iets moois van heb mogen maken. Maar het purperhart heb ik niet zelf gezaagd in een tropisch regenwoud in Zuid-Amerika.
Ik heb het hout gekocht bij de Arnhemse Fijnhouthandel. Die importeren de prachtigste houtsoorten van over de hele wereld. Ik ben me ervan bewust dat veel van het hout niet gecertificeerd is. De eigenaar van die houthandel beweert in een blog dat het lastig is om te controleren of een FSC keurmerk terecht is afgegeven als het land waar het hout vandaan komt bol staat van corruptie en drugshandel. En het zou ook zomaar kunnen zijn dat het hout wel op verantwoorde wijze wordt geoogst, en mijn plankjes niet leiden tot ontbossing. FSC hout uit Europa zou volgens hem wel te vertrouwen zijn. Dit hout koop ik meestal niet daar, want ik kan in zulke gevallen vaak zelf aan vers (dus nog nat) hout komen. Daar heb ik laatst nog een blog over geschreven.

En het hout is zo mooi!

Vanwege mijn onzekerheid over de afkomst van het hout maak ik geen schalen meer van exotisch hout. Er gaat dan veel hout verloren door het uithollen. Voor de toverstaffen gebruik ik het hout wel. Ik koop plankjes die al de juiste dikte en lengte hebben en op die manier verspil ik erg weinig. Ter illustratie: voor twee schalen van ongeveer 30 cm komt er een vuilniszak vol aan (overigens composteerbare) houtkrullen vrij. Bij een toverstaf is dat ongeveer een koffiemok vol. En uit één plank kan ik meerdere toverstaffen draaien. Het tropische hout heeft wel een paar voordelen: ze hebben uitgesproken kleuren, het hout is erg hard en sterk en kan heel mooi afgewerkt worden.

Prachtig Nederlands Lokaal Hout!

Mijn absolute voorkeur is om zelf het hout op te halen op de plek waar de boom is omgezaagd. Vaak zijn dat particulieren, maar ik werk ook met hout dat bij boomverzorgers vandaan komt. Op deze manier weet ik precies waar het hout vandaan komt, waarom de boom omgezaagd (of gesnoeid) is. En ik heb volledige controle hoe ik het hout verder voorbereid tot ik het kan bewerken. Zie mijn blog over dit onderwerp voor meer informatie.
En we hebben zulk mooi hout hier groeien! Denk aan de eerder genoemde wilg en els, maar ik heb ook beuken, noten, eik, essen, meidoorn en verschillende fruithoutsoorten.  Dus wil je een toverstaf die helemaal 100% zeker weten uit lokaal verkregen bronnen komt, kies dan voor een toverstaf die is gemaakt van een houtsoort die bekend in de oren klinkt. Weet je niet zeker: mail me en ik vertel je exact waar het hout vandaan komt.
Toverstaffen van Peter Peer
Toverstaffen in verschillende houtsoorten. Van links naar rechts: Beuk (2x), padoek (rood)*, wilg (wit), essen (bruin met strepen), zwart notenhout, bruin notenhout, padoek*, purperhart (paars)*, els (licht), noten (bruin), els, taxus (licht met donker) en padoek*. De houtsoorten met een * heb ik bij een houthandel gekocht.
Wil je zien welke toverstaffen er op dit moment in de webshop staan? Klik dan op de knop!
Ik werk de toverstaffen altijd af met pure bijenwas. Dus geen chemische lakken bijvoorbeeld. De kleur is van het hout zelf en dus puur natuurlijk.

Duurzaamheid en nieuwe aanplant!

Trouwens, betreffende duurzaamheid: ik help een vriend met het onderhoud en aanplanten van vele heggen hier in de omgeving. Op die manier compenseer ik voor het hout dat ik gebruik. Vorig jaar heeft hij meer dan een kilometer heg aangeplant! Heggen zijn zeer belangrijke bomenrijen voor veel dieren. Muisjes en konijnen vinden er beschutting, vogels maken er nesten en eten de bessen, en roofvogels hebben op hun beurt weer lol van de muizen en jongen konijnen. En het staat zo veel mooier dan een hek van paaltjes met prikkeldraad (waar roofvogels in vastvliegen).  En voor ons mensen is een heg ook mooi. Het vormt een landschap met mooie doorkijkjes, het herstelt oude heggen die er sinds de ijzertijd al aanwezig waren en je kan er heerlijk in de schaduw zitten picknicken in de zomer. Ik zeg: heg!
Heg aanplanten met Pien
 Het planten van een meidoornhaag samen met mijn dochter Pien (maart 2017).

Hout: droog of nat?

Ik gebruik het liefste nat hout (ook wel vers hout genoemd) voor mijn schalen. Vers gekapt of gesnoeid. Dan zit het water nog in de cellen, in de zomer wat meer dan in de winter. Ik wil je graag uitleggen wat voor mij de redenen zijn voor deze keuze.

Waarom kies ik voor vers hout?

Hieronder 5 voordelen om voor vers of nat hout te kiezen. De volgorde is niet per se de volgorde van belangrijkheid.

Vers hout snijdt gemakkelijker. Mijn gutsen en beitels worden zo minder snel bot. Ook komen er prachtig lange houtkrullen vrij, wat op de een of andere manier voor voldoening zorgt.

handje houtkrullen
Fijne houtkrullen van de laatste verfijnende sneden.

Vers hout is goedkoper. Het is best lastig om een niet-gescheurd blok hout te vinden van 30 centimeter in het vierkant en 12-15 centimeter hoog. En als je het vindt, is het vaak vrij kostbaar. Een pas gezaagde stam is een stuk goedkoper. Ik koop het van hoveniers en boomverzorgers, en ook bij particulieren heb ik vaak geluk.

kommetje van onbekend fruithout
Kommetje uit onbekend fruithout. Gered uit een stapel brandhout.

Vers hout is flexibel. Niet dat ik er iets van wil gaan buigen of zo. Ik kan zelf bepalen waar ik met de kettingzaag een stuk uit de stam zaag om een schaal van te draaien. Zo kan ik invloed hebben op bijzondere tekening in het hout, of scheuren en rotte plekken vermijden.

essenhout zagen
Ik zaag de stam zelf met de kettingzaag op maat.

Vers hout vervormt. Als ik van nat hout een schaal draai, dan gaat deze nog vervormen als ze droogt. Dat geeft een glooiende rand aan de schaal en dat vind ik mooi. Het is organisch.

Meidoornhouten schaal
Schaal uit meidoorn. Door droging een golvende rand gekregen. De scheur was al in het hout aanwezig.

 

Vers hout is overal (en vooral in de buurt). Ik kan – als ik een  beetje rondvraag – aan veel vers hout komen bij mij in de buurt. De mooiste soorten zitten hiertussen. Eik, kers, beuk, wilg, taxus, pruim, esdoorn, els, essen, iep… Als ik een kettingzaag hoor, ga ik erop af om te kijken wat er gezaagd wordt. Ik vind het belangrijk om te weten waar het hout vandaan komt, en in de meeste gevallen weet ik dat precies.

eetkom en lepel uit lokaal notenhout
Eetkom en lepel uit lokaal verkregen notenhout.

Maak je dan alleen kromme schalen?

Ik ben met vers hout niet beperkt tot schalen met een glooiende rand. Sommige houtsoorten vervormen maar een beetje (esdoorn en essen), en ik heb nog een truukje achter de hand. Ik kan een schaal draaien van nat hout en deze enkele centimeters dik houden. Veel dikker dan ik esthetisch verantwoord vind, maar de schaal is hiermee nog niet klaar! Ik laat deze dikke, zware schaal drogen, tot deze niet meer in gewicht afneemt. Daarna is de dikke schaal een beetje ovaal geworden. Deze schaal kan ik dan voor een tweede keer draaien. Dan wordt hij dun, en met een rechte rand en ik kan het meteen afwerken.

peren houten schaal
Deze schaal uit perenhout is in twee keer gedraaid uit vers hout.

Koop je wel eens droog hout?

Jazeker. Ik heb een paar leuke adressen voor fantastisch droog hout. Heel mooi essenhout voor de houten borden.  En al die exotische heerlijkheden (bijvoorbeeld padoek, purperhart, jatoba en zebrano) koop ik ook gedroogd. In planken die niet veel dikker zijn dan de dikte die ik nodig heb. Dan verlies ik – en de oerwouden – er niet teveel op. Binnenkort schrijf ik nog een artikel over deze houtsoorten.

Toverstaf Purperhart
Toverstaf uit purperhart.

En maak je alleen schalen van vers hout?

Nee. Er zijn zo veel mogelijkheden. Ik maak bijvoorbeeld ook toverstaffen. Daarvoor heb ik aan een stuk van een rechte tak genoeg. 40 centimeter lang, 7-15 centimeter in diameter. Ik splijt de stam/tak in vier kwarten. Deze kwarten draai ik vervolgens op de draaibank tot cilinders. Deze leg ik dan te drogen. Ik heb een keer succesvol wat van deze cilinders (elzen- en wilgenhout) op de verwarming te drogen gelegd, als experiment. En dat werkte. Ze waren in twee dagen helemaal droog.

toverstaf wilg
Toverstaf uit zelfgedroogd wilgenhout
toverstaf elzenhout
Toverstaf uit zelfgedroogd elzenhout

En wat nog meer?

Ik snij ook lepels. Alleen maar uit vers hout. Dat snijdt zoveel makkelijker met de verschillende messen. Dit hout laat ik niet drogen, en ik werk in één keer de lepel helemaal af.

Perenlepel uit eikenhout
Perenlepel uit eikenhout.

Daarom dus nat en vers hout!

Er zijn dus genoeg redenen voor mij om met vers hout te werken.

  • Vers hout snijdt gemakkelijker
  • Vers hout is goedkoper
  • Vers hout is flexibel
  • Vers hout vervormt
  • Vers hout is overal (en vooral in de buurt)

Wil je weten wat ik op het moment allemaal te koop heb in mijn webshop? Klik op de groene knop. Heb je vragen naar aanleiding van deze blog, mail me: info@peterpeer.nl

Bekijk de winkel

 

Waarom maak ik houten schalen?

5 jaar geleden gold dit voor mij: We zijn gewend om te eten van servies. Gebakken kleiproducten, snel en goedkoop gemaakt. Doorgaans serveren we uit een pan op tafel, de deksel er snel weer op zodat het eten warm blijft. Salades serveren we uit een plastic of stenen kom. En als deze van hout is, komt hij waarschijnlijk van de Xenos, Blokker of Ikea. Gemaakt per 1000 tegelijk, van kleine stukjes hout die met lijm aan elkaar verbonden zijn.

Nu is het anders: we eten van houten borden, er is minder gekletter van bestek. De pannen mogen nog steeds op tafel. Maar de salade wordt geserveerd in een zelfgemaakte houten schaal. Van eikenhout uit de buurt. Een houten zoutpotje, met grof zeezout erin staat ook op tafel.

eikenhouten (salade)schaal

Hoe mooi is het om een unieke schaal te gebruiken? Met zorg gemaakt uit één stuk hout? Met vakmanschap, aandacht en liefde? Gemaakt van bomen die om een andere reden gekapt zijn dan om korte termijn winstbejag? Niet bijdragend aan ontbossing en transport over lange afstanden?

Natuurlijk zijn deze redenen  belangrijk. Maar er is nog een reden dat ik deze prachtige dingen maak: Ik vind het leuk! Het leukste dat er is! Eén stuk hout: ruw en grof. Een stam of tak omvormen  tot iets bruikbaars. Iets blijvends. Iets praktisch. Iets om te koesteren voor vele jaren. Het ruwe oppervlak steeds iets gladder maken, soms zelfs totdat het glimt. Ja. Dat is wat ik super graag doe!

kastanjehouten schaal

Ik kan niet wachten tot ik weer naar de werkplaats kan gaan. Een stuk hout vast te maken aan mijn draaibank en er iets moois van proberen te maken. Ja, proberen, want soms lukt het niet. Dan klopt de vorm niet, zit er een verrassing in het hout in de vorm van een scheurtje of een loszittende knoest… Af en toe voegt dat juist iets toe aan bijvoorbeeld een schaal. Soms is het nog te redden door de diameter wat kleiner te maken. Soms is het hout niet geschikt, en leg ik het aan de kant.

meidoorn kommetje foutje

Oeps. Die laatste snede om de wand van dit meidoornen kommetje nog iets dunner te maken pakte verkeerd uit.

Maar het is nooit erg. Er is hout genoeg. Ik heb in ieder geval een leuke tijd gehad in de werkplaats. Houtkrullen gemaakt. Mijn technieken weer iets bijgeschaafd. Iets geleerd…

En als iets echt af moet? Als ik een bestelling heb waar iemand op wacht? Dan kan het soms frustrerend zijn. Ik hou altijd rekening met “ongelukjes” als ik hout uitkies en koop. Dat er altijd iets geks kan gebeuren. Hout blijft een natuurproduct. En de natuur heeft soms grillen. Maar juist dat zorgt voor verrassingen. Bijvoorbeeld deze schaal uit notenhout:

notenhouten schaal

Supermooi. Donkere kern, iets lichter spinthout, een gat, ribbels met een tijgeroog-achtig effect. Al die prachtige kenmerken in deze schaal waren verborgen in de stam die ik destijds kocht.

Deze schaal is een genot om naar te kijken. Heerlijk glad om met je hand over te strijken. Een salade zal er zo mooi uitzien op je tafel! Het maakt iets speciaals van elke maaltijd. Of het nou een doordeweekse hap is of een uitgebreid diner. Je maakt er indruk mee als je visite hebt.

Dat maakt het zo leuk. De verandering van ruw naar rond en glad. Als een rups die in een vlinder verandert. Met het verschil dat het hout zelf niet verandert. Het is mijn passie om het mooiste van het hout naar voren te brengen. En het resultaat aan te bieden aan die persoon die iets unieks wil bezitten. Iets tijdloos. Iets simpelweg praktisch en ook prachtig. Ik vind dat elk huis, elke tafel zo iets moois verdient!

grote notenhouten schaal

In een documentaire over keramiek (Ceramics: A Fragile History) kwam een mooie quote naar voren, die met me resoneert, bij me blijft hangen:

“For me, the making of beautiful pots is the deep human desire to make the most ordinary things in your life truly beautiful.”

En zo zie ik het ook.

Wil jij ook een mooie saladeschaal hebben of cadeau geven?

Bezoek de webshop

 

Over Mij

Ik ben Peter en ik ben houtbewerker. Ik maak gebruiksvoorwerpen en siervoorwerpen van hout op ambachtelijke wijze. De houten schalen en borden zijn met gutsen gedraaid op een houtdraaibank, de houten lepels zijn met bijl, mes en guts gemaakt. De afwerking is gedaan met schuurpapier of schraapstaal en geolied met walnootolie, en soms ook met bijenwas.

Ik vind het erg leuk om mooie objecten te maken van hout. Dat hout komt het liefst direct uit mijn eigen omgeving.

Ik wil met mijn gereedschap iets moois creëren waar iemand jaren lang plezier van heeft.

Elk stuk hout is uniek. Ik heb een wens wat ik wil maken, maar het hout is soms eigenwijs. Dan komt er iets anders uit, maar zeker niet minder mooi. Ik vind hout een heerlijk materiaal: het voelt fijn, het ruikt lekker en ziet er prachtig uit als er iets moois van gemaakt is.

Mooie dingen maken van hout: ik wil niets anders liever doen!

Ik wil hout dat zijn functie als deel van een boom heeft verloren, weer een nieuw leven geven als sierobject of gebruiksvoorwerp. Ik vind het rustgevend om een lepel te snijden, in kleine sneden steeds iets dichter bij het eindresultaat te komen. Het is opwindend om hout te draaien, een schaal uit te hollen en de mooie tekening zien die tot dat moment in het hout verborgen zat.

Mijn driehoek

Ik maak deel uit van een driehoek:

Aan één zijde ik, de Houtbewerker, die iets moois maakt van hout, die creëert, het hout polijst tot het glimt, of juist ruw houdt om de nerf het mooiste te laten uitkomen. Mijn kunde elke keer weer verder aan het ontwikkelen. Met mijn ogen een oordeel vormen om de juiste esthetiek te vinden.

Aan de tweede zijde het Hout dat jaren lang heeft gegroeid maar nu niet meer nodig is: versnippert wordt, gecomposteerd. Hout dat verrassingen heeft, mooie knoesten of juist glad, prachtige tekeningen.

Aan de derde zijde het Gereedschap. Oud gereedschap, weer vlijmscherp geslepen, gekoesterd omdat het zo essentieel is voor de creatie van mooie voorwerpen. Omdat het al jaren lang met plezier gebruikt is en dat nog jaren kan doen. Maar ook nieuw gereedschap omdat het het werk soms een stuk lichter maakt.

En met deze drie dingen maak ik de mooiste dingen. Met liefde.

Wil je zien wat ik maak? Kijk dan eens naar mijn schalen en lepels!

Hoe ik ben begonnen

Heggenvlechten

Het begon allemaal met een bezoek aan het NK maasheggenvlechten in 2010. Daar zag ik vaklieden en enthousiastelingen met veelal antiek gereedschap meidoornhagen vlechten, zodat deze hergroei krijgen en weer veekerend worden. Al snel besloot ik ook te gaan heggenvlechten.

gevlochten heg bij opkomende zon
gevlochten heg bij opkomende zon

Tijdens dat heggenvlechten wordt er veel gesnoeid. Dus een paar dikkere stukken hout (arm-dik) nam ik mee naar huis, gered van de versnipperaar. Ik was ook al begonnen met het verzamelen van allerlei oud gereedschap. Oude booromslagen, beitels, hiepjes en bijlen. Die laatsten waren bot, dus ik leerde ze slijpen. Eerst met de hand (vijl en wetsteen) en later met een 30×1 inch bandschuurmachine die ik zelf heb omgebouwd tot bijlen-slijper. Met schuurbandjes van korrel 40 tot en met 2000 was geen enkele bijl lang bot meer. Kale plekken op mijn armen waren  het bewijs dat de bijlen scherp werden. Intussen begon ik het gereedschap ook voor andere dingen te gebruiken.

Zwaluwstaart-kistje

Ik wilde graag een zwaluwstaart-kistje maken. Op youtube vond ik het kanaal van Paul Sellers. Echt een aanrader als je met hout wil (gaan) werken. Hij legt goed uit hoe je een zwaluwstaartverbinding maakt, en het is ook nog eens mooi gefilmd. Ik had al eens geprobeerd een kistje te maken van wat reststukjes vurenhout, maar dat was toch niet zo fijn werken. Het hout scheurt snel. Bij de Arnhemse Fijnhouthandel kocht ik wat plankjes hout. Een daarvan was een mooi plankje purperhart. Zeer compact hout, met een mooie donkerrode/paarse glans. Het was al aardig recht en vlak, dus mijn nog niet zo goed ontwikkelde schaaf-handigheid hoefde ik niet uit te proberen. Met een oude beitel en een oude handzaag heb ik de zwaluwstaartjes gemaakt.

Zwaluwstaartkistje purperhart
Zwaluwstaartkistje gemaakt van purperhart

Er is progressie te zien van de eerste set tot de laatste set; die is toch het strakste. Er moest nog een bodempje in de kist, dus die heb ik gemaakt van aan elkaar verlijmde reepjes hout van 44mmx4mm. Twee op elkaar levert een dikte van 8 mm, precies de breedte van mijn kleinste beitel, die uit een set houtsnijbeiteltjes komt die nog van mijn opa is geweest. Aan één zijde met kleine, vierkante pen-en-gat verbindingen. Aan de andere zijde twee langere pennen. Het kistje is nu in gebruik voor de tandenborstels. Het kistje is behandeld met lijnzaadolie.

Lepels

Op het youtube kanaal van Paul Sellers staat een filmpje waarin hij vertelt hoe je door een lepel te maken heel goed kan leren begrijpen wat de nerf van het hout is. Hoe het hout reageert op je scherpe gereedschap als je ertegenin gaat, en hoe je gebruik kan maken van de nerf om secuur stukken hout af te splijten van je werkstuk. De eerste, nog ietwat onhandig gevormde lepels heb ik toen gemaakt. Met een bij de kringloop gekocht keukenmesje als uitholmes. Die moest ik eerst opnieuw aan beide kanten slijpen en vervolgens in de bankschroef krom maken. De eerste lepels waren van berkenhout gemaakt. Vervolgens hield ik mijn ogen open voor leuke stukjes hout langs de weg. Een paar eiken takken, een stukje hazel, en ook onbekende stukken hout. Elke houtsoort laat zich anders bewerken, ruikt anders, voelt anders. Daar ligt een deel van mijn passie voor hout. Het is elke keer weer anders. Met of zonder knoesten, recht of krom.

Een collectie houten lepels in een zelfgedraaide perenhouten pot
Een collectie houten lepels in een zelfgedraaide perenhouten pot
Kettingzaag

Via de heggenvlecht-groep ben ik in de mogelijkheid gesteld om een kettingzaag-cursus te doen. Dat was erg gaaf. En het biedt ook veel mogelijkheden.

Mijn kettingzaag
Mijn kettingzaag

Het is een echte power-tool, met gevaar, maar ook met nauwkeurigheid als je weet wat je doet. Mijn eerste project met de kettingzaag was een speelhuisje voor de kinderen. Het houten frame leende zich er goed voor om met de kettingzaag op maat gemaakt te worden.

speelhuisje van hout
Dit speelhuisje maakte ik voor mijn kinderen

Het heeft aan twee zijden raampjes, een deur in twee delen en een dakkapel die ook werkelijk licht geeft in het huisje. Van binnen zijn zo veel mogelijk oppervlakten van onbehandeld vurenhout, van buiten geheel geïmpregneerd. En waterdicht!

Ook heb ik een houten kettingzaag gemaakt voor het zoontje van vrienden van ons. Hij was er superblij mee, en heeft al heel wat bomen “omgezaagd”.

Houten kettingzaag voor een kleine bosbouwer!
Houten kettingzaag voor een kleine bosbouwer!
Houtdraaibank

Het meeste van mijn kennis van houtbewerken heb ik van websites en youtube gehaald. Er zijn een aantal erg goede kanalen op youtube, waar je echt veel van kan leren. Ik kwam zo ook veel filmpjes tegen over houtdraaien. Toen ik dat zag was ik meteen verkocht! Dus op marktplaats een houtdraaibank gevonden, inclusief 3 Kirschen beitels.

Dus ik kon meteen aan de slag. Mijn allereerste objecten die ik draaide waren van reststukjes vurenhout. Een kandelaartje, een staaf met bolletjes en holletjes. Het was een leuk proces: een stuk hout inklemmen, het laten draaien en er een beitel tegenaan houden. En zien wat er van kwam. Soms een knal en een rondvliegend stuk hout als de beitel hapte, soms ineens hele mooie slierten en krullen als de beitel perfect sneed. Een steile leercurve heet dat!

De eerste schaal

Een leuk aspect van houtbewerken is dat als ergens een boom omwaait, je wordt gebeld of je ook een stukje wilt. Ik wilde erg graag een schaal draaien. Een half stammetje eikenhout was op de draaibank geklemd, en het draaien begon. Wat een geweld is dat! Het stuk hout was niet erg in balans: de draaibank stuiterde door de schuur! Opnieuw inklemmen tussen de meenemer en de tegencenter, iets rechter nu, en het ging al wat beter. Maar nog steeds erg harde klappen. Nu was het probleem dat mijn beitel niet erg geschikt was voor het zware werk. Ik had nog geen slijpmachine, dus de beitel sleep ik nog op de bandschuurmachine. De beitel was een 12 mm open halfronde guts, niet erg geschikt voor het grof draaien van een schaal. Maar goed: iets beters was er op dat moment niet, dus gewoon doorgaan en geduld hebben. De buitenkant van het schaaltje was op een keer klaar. Ietwat grof, maar het was oké. De onderkant heb ik zo vlak mogelijk afgesneden met een beitel en vervolgens het ik de schaal op een plak hout gelijmd. Die plak hout kon dan weer op de grote meeneemplaat geschroefd worden. Die lijmverbinding (met houtlijm op nat hout) heeft gehouden, en ik heb de schaal uitgehold. Nog een klein beetje schuren en de schaal was af. Na het drogen nog iets gladder geschuurd en met lijnzaadolie behandeld (meerdere keren insmeren, intrekken en uitwrijven, een paar dagen lang).

eiken houten schaal, mijn eerste

Upgrade

Al snel kwam ik wat tekortkomingen tegen van mijn draaibank. Ik kwam een goede beitel om de schalen te draaien tekort, en ook zou het heel handig zijn om hout in te kunnen klemmen met een klauwplaat (chuck). Maar de financiële middelen waren op dat moment niet beschikbaar.

eikenhout op draaibank
opspannen op de “oude” manier

Dus heb ik een andere manier bedacht om hout te kunnen vastmaken op mijn grote meeneemplaat die bij de draaibank hoort. Op de foto hierboven kan je hem zien: het is een rode, stalen meeneemplaat van 20 cm doorsnede, met een stuk of 12 schroefgaten langs de buitenrand. In het midden zit een centreerpen en twee meenemers. Gelukkig lieten die meenemers en de centreerpen zich verwijderen door middel van een slagschroevendraaier. Altijd spannend bij een oude machine, of het niet té vast is geroest. Een schijf van 20 cm werd gedraaid van 2 cm dik multiplex, en gaten voorgeboord rondom. In het midden kon nu een houtdraadbout geschroefd worden als screw-chuck. Het nadeel van bijna uitsluitend Engelstalige filmpjes kijken is dat ik van de meeste dingen alleen de Engelse naam weet. Alleen een screw-chuck mogelijkheid was niet stevig genoeg voor een grotere schaal, dus in een kring van 5 cm werden nog drie extra gaten geboord. Nu kon ik eindelijk een schaal draaien. Wel een beetje omslachtig: elke keer weer al die schroeven los draaien. Maar waar een wil is, is een weg! En mijn wil was sterk!

En toen werd het donker

Het houtdraaien doe ik voornamelijk in de avonduren. Ik was al aardig op dreef met draaien, en ik was vaak in de schuur te vinden. Toen deed zich een probleem voor: het werd ineens donker. Alle lichten uit, door het hele huis. Een snelle inspectie: de aardlek lag eruit. Alle stekkers er weer voorzichtig in: nee, niets aan de hand. Een paar dagen later gebeurde het weer, en toen had ik de mazzel net een grote blauwe vonk te zien in mijn draaibank. De bedrading van de draaibank was kapot. Inmiddels was ik op bezoek geweest bij een collega-houtdraaier, die mij zijn “afstandsbediening” liet zien: Een schakelaar op een kastje met een magneet aan de onderkant, die met een langer snoer is verbonden aan de draaibank. Op deze manier kan je de draaibank aan- en uitzetten aan de rechterkant, aan de goede kant ten opzichte van het ronddraaiende hout.

Ik had al een keer meegemaakt dat een schaal uit elkaar klapte tijdens het draaien. Het was nogal link om de draaibank uit te zetten terwijl een groot stuk hout in onbalans rondslingerde. Dus alle bedrading vervangen, alles zou klaar moeten zijn. Je voelt hem al komen: inderdaad, de draaibank bleef uit, en het licht ging weer op zwart. Doormeten van de motor gaf kortsluiting op alle polen! Daar zat dus het echte probleem. Een nieuwe motor was na enig googlen en veel bellen (veel bedrijven verkopen niet aan particulieren) toch gevonden bij Van Steen in Wijchen

Klauwplaat

Eindelijk kwam er een aanbieding langs van HBM machines voor een klauwplaat. Meteen besteld. Alleen de schoefdraad van mijn draaibank bleek een exotische 3/4″ met 10 tanden per inch. Goede tip om op te letten als je een tweedehands draaibank koopt, dat er een “standaard” maat schroefdraad op zit. M33 is heel gangbaar, of 1″ x 8 tanden per inch.

HBM ck4
de HBM klauwplaat (foto: HBM-machines.com website)

De klauwplaat kwam met een paar adapters, maar helaas niet de goede. Dus op zoek naar een metaaldraaier voor een op maat gemaakt stuk. Ik kwam Antoine uit Oss tegen op marktplaats. En bij hem kon ik voor een schappelijke prijs het verloopstuk laten maken. Nu kan ik dus hout inklemmen met behulp van een klauwplaat. En dat is reuzehandig. Niet meer met schroeven dus, waarmee je het risico hebt ze er te ver in te draaien, zodat je bij het uithollen van een schaal een gat onderin hebt. Op internet vond ik verschillende meningen over deze klauwplaat: van “complete verspilling van geld” tot “de heilige graal der klauwplaten”. Ik vind het een prima klauwplaat voor de prijs die ervoor gevraagd word. Check wel: de klauwplaat is af en toe in de aanbieding, dat scheelt al gauw 1 tot 3 tientjes.

Nieuwe draaibank!

De oude draaibank had een motor van 550 watt, en een maximale diameter van 40 cm.  En een keuze uit 3 toerentallen (gemiddeld (800 tpm), snel (1300 tpm) en retesnel (2500 tpm). Dat werkt best. Zeker voor spindel werk en kleine schalen (20 cm)… Totdat je probeert een schaal te draaien uit een stuk hout dat niet helemaal in evenwicht is. Dan is 800 toeren ineens erg snel, en stuitert de draaibank door de schuur. Gelukkig heb ik een attente vrouw die komt kijken “of het nog goed met me gaat”. Je voelt dan weer dat je een hart hebt… In je keel.

Ik dacht een goede remedie gevonden te hebben: gewoon harder drukken tegen de beitel. Dan verspaant het breder, en remt het stuk hout af. Dat gaat een poos goed. De electromotor is uitgerust met een ventilator om de spoelen te koelen. Maar als de draaibank minder toeren maakt, draait de ventilator ook minder snel, terwijl er meer warmte wordt gegenereerd. Dat is het ideale recept voor een melt-down. De motor werd heet. Erg heet. Dan smelt de isolatie van de spoelen. En dan heb je weer kortsluiting. Weer op alle polen, net als bij de oude electromotor.

Dus weer op bezoek bij de electromotorenboer. Dit keer is het niet zo makkelijk. De motor die ik wil is er niet meer, en een nieuwe kost meer dan 250 euro. Wat!?! De oude kostte me 90 euro. Dan maar eens kijken op marktplaats. Dezelfde draaibank die ik had is nu ineens een stuk duurder. Een nieuwe bij HBM dan maar? Of de Baptist? Ja, de laatste heeft zulke mooie dingen. Ik zou daar wel willen wonen. Of een paar minuten gratis winkelen…

De keuze was tussen de HBM 1100 variabele draaibank en de Baptist’s Nova 1624-44 draaibank.

hbm-l-1990.jpg-1920x1080-64eae37c8d

 

Een kwestie van alle data tegen elkaar zetten in excel: vermogen, diameter, afstand tussen de centers, meegeleverde accessoires, de prijs… Kiezen was moeilijk. Totdat de keuze werd gemaakt voor mij. Mijn ouders wilden graag helpen. Dus het is de Nova 1624-44 geworden! Wat een mooi apparaat! Een deftige klauwplaat (Oneway stronghold) erbij en het is klaar. Gelukkig is de oude klauwplaat van HBM compatibel met de nieuwe draaibank, zodat ik eerder gedraaide schalen nog kan afwerken. Ook voor kleinere kommetjes is 5 cm inklemmen net wat mooier dan 6 cm inklemmen.

DSC_0661 (2)
Mijn nieuwe draaibank. Het kastje met o.a. schuurpapier heeft nu een ander plekje.

Meteen na het in elkaar zetten van de draaibank heb ik een schaaltje gedraaid uit essenhout. En het voelde zo solide allemaal, dat ik het schaaltje erg dun heb gemaakt. Het licht schijnt erdoor!

DSC_0666

Al met al een heerlijke draaibank. Veel power (het dubbele vergeleken met de HBM 1100, het driedubbele vergeleken met mijn eerste draaibank), alles gaat soepel en is ergonomisch. Ik ga nog veel mooie dingen maken met deze draaibank!

Lepels

Een collega waarmee ik vaak over houtbewerking praat, tipte mij de facebook-groep Spoon Carving, Green Woodworking and Sloyd. Wat een mooie lepels worden daar gemaakt/rondgestuurd! Super inspirerend! Dus meteen aan de slag:

DSC_1724 DSC_1728 DSC_1731

 

 

Een lepel snijden is een heerlijke bezigheid. Het “uitruwen” van de lepel met de bijl uit een stammetje of flinke tak, het uithollen van de kom van de lepel tot en met het afwerken met het houtsnijmes voor rustiek, of met schuurpapiertje voor een strak resultaat. Het eindresultaat is een heel mooi object. Dat ook nog eens functioneel is!

Veel hout!

Ondertussen ben ik ook wat mondiger geworden. Ik heb er een sport van gemaakt om als ik ergens een kettingzaag hoor, of ergens een boom zie liggen, te vragen of ik er wat van mee kan nemen. Ik vind het leuk om een zo groot mogelijke variëteit aan houtsoorten “op voorraad” te hebben. Ik ben daarom bezig een netwerk op te bouwen met betrouwbare leveranciers van vers hout, het liefst zo veel mogelijk uit de buurt.